Groepsspellen

15 spelletjes zonder materiaal voor grote groepen

Niets mee te brengen, niets voor te bereiden. Deze spellen vragen alleen een groep mensen, een beetje durf en in één geval een telefoon die toch al in je zak zit.

Zo kies je het juiste spel

Twee vragen bepalen alles. Speelt iedereen tegelijk of om de beurt? Boven de twaalf spelers worden om-de-beurt-spellen traag; kies dan iets waarbij iedereen tegelijk bezig is. Is het een moment of een avond? Een kringspel van tien minuten is een moment; een spel dat sluimert terwijl je eet en praat, zoals Gotcha, draagt een hele avond of een hele kampweek.

Bij elk spel hieronder staat het aantal spelers, de duur en voor wie het werkt. De labels "iedereen tegelijk" en "loopt door" zijn de twee die je zoekt voor een grote groep.

De vijftien spellen

  1. 1.Gotcha

    3 tot 30 (klassiek: onbeperkt) · Een uur tot een week

    Iedereen krijgt in het geheim één doelwit en één woord of actie. Laat je doelwit het woord zeggen, roep "Gotcha" en neem zijn doelwit over. Het spel loopt door tijdens alles wat je toch al doet. Met briefjes, of zonder briefjes op playgotcha.be.

    • iedereen tegelijk
    • loopt door
    • volwassenen
    • tieners
  2. 2.Knipoogmoordenaar

    8 tot 25 · 10 minuten per ronde

    Eén speler is in het geheim de moordenaar (laat iedereen de ogen sluiten en tik er één aan). Hij "vermoordt" door te knipogen; wie een knipoog krijgt, valt theatraal neer. De rest probeert de moordenaar aan te wijzen voor het te laat is.

    • kring
    • kinderen
    • volwassenen
  3. 3.Wie is de dirigent?

    8 tot 30 · 5 minuten per ronde

    Eén speler verlaat de ruimte. De groep kiest een dirigent die bewegingen voordoet (klappen, stampen, wrijven) en iedereen volgt. De speler komt terug en heeft drie kansen om de dirigent te ontmaskeren.

    • kring
    • kinderen
  4. 4.Twee waarheden en een leugen

    4 tot 15 · 2 minuten per speler

    Iedereen vertelt drie dingen over zichzelf, waarvan één gelogen. De rest raadt de leugen. Werkt het best in groepen die elkaar half kennen, en levert de verhalen van de avond op.

    • kennismaking
    • volwassenen
    • aan tafel
  5. 5.Contact

    4 tot 12 · 15 minuten

    Eén speler denkt aan een woord en geeft de eerste letter. De anderen bedenken woorden met die letter en omschrijven ze; herkent een medespeler het woord, roept hij "contact" en zeggen ze het samen. Lukt dat, dan geeft de woorddenker een letter meer.

    • woordspel
    • volwassenen
    • tieners
  6. 6.Weerwolven met briefjes

    8 tot 18 · 30 tot 60 minuten

    Het kaartspel zonder kaarten: schrijf de rollen op papiertjes of gebruik een gewoon kaartspel. Een spelleider leidt de nachten, het dorp stemt overdag. Volledige regels op de pagina Weerwolven spelregels.

    • rollen
    • spelleider
    • volwassenen
    • tieners
  7. 7.Psychiater

    6 tot 15 · 15 minuten

    Eén speler is de psychiater en verlaat de ruimte. De groep spreekt een "kwaal" af: iedereen antwoordt alsof hij zijn linkerbuur is, of iedereen liegt op vragen met een even aantal woorden. De psychiater stelt vragen tot hij de kwaal doorheeft.

    • kring
    • volwassenen
  8. 8.Ninja

    4 tot 20 · 5 minuten

    Iedereen staat in een kring in een ninjapose. Om de beurt maak je één beweging om de hand van een buur te tikken; wie geraakt wordt, verliest die hand. Snel, luid en zonder enig materiaal.

    • beweging
    • buiten
    • kinderen
    • tieners
  9. 9.Ik ga op reis en neem mee

    4 tot 12 · 10 minuten

    De klassieker: elke speler herhaalt de lijst en voegt iets toe. Speel het met een thema (alles wat met kamp te maken heeft) of met een regel (alles begint met de letter van je naam).

    • geheugen
    • kinderen
    • aan tafel
  10. 10.Categorieën

    4 tot 12 · 10 minuten

    Klap een ritme. Een speler noemt een categorie (dieren, automerken, landen) en om de beurt noemt iedereen op het ritme een voorbeeld. Wie hapert of herhaalt, is af.

    • ritme
    • kinderen
    • tieners
  11. 11.Zeven op

    5 tot 20 · 5 minuten

    Tel om de beurt. Elk getal met een zeven erin of deelbaar door zeven vervang je door "op" en de richting keert om. Wie zich vergist, begint opnieuw bij één.

    • ritme
    • kinderen
    • tieners
  12. 12.Wie ben ik zonder post-its

    4 tot 12 · 15 minuten

    Geen briefjes op het voorhoofd nodig: je buur fluistert je personage in het oor van je andere buur. Je stelt ja-neevragen aan de groep tot je weet wie je bent.

    • raadspel
    • aan tafel
    • volwassenen
  13. 13.Het stiltespel met een twist

    6 tot 30 · Zolang je wilt

    Spreek een verboden woord af voor de hele avond ("ja", "ik", "eten"). Wie een ander het woord hoort zeggen, krijgt een punt. In feite Gotcha zonder doelwit; leuk als opwarmer voor het echte spel.

    • loopt door
    • kinderen
  14. 14.Levende standbeelden

    6 tot 30 · 10 minuten

    Eén speler is de bewaker en draait zich om. De rest sluipt dichterbij; draait de bewaker zich om, dan staat iedereen stil. Wie beweegt, gaat terug naar de start.

    • beweging
    • kinderen
  15. 15.Vragenketting

    4 tot 15 · 10 minuten

    Een gesprek waarin alleen vragen zijn toegestaan. Wie een antwoord geeft, aarzelt of dezelfde vraag herhaalt, is af. Klinkt simpel, is het niet.

    • woordspel
    • volwassenen
    • tieners

Welk spel voor welke situatie?

  • Feestje met onbekenden: Gotcha als achtergrondspel, Twee waarheden aan tafel.
  • Kamp of weekend: Gotcha de hele week, Weerwolven of Knipoogmoordenaar aan het kampvuur, Ninja op het terrein.
  • Teambuilding op kantoor: Gotcha met woorden (geen aanrakingen, geen lawaai), Contact en Psychiater in de pauze.
  • Kinderfeest of klas: Wie is de dirigent, Zeven op, Levende standbeelden, Gotcha met makkelijke woorden vanaf tien jaar.
  • Wachten, in de auto, in de rij: Ik ga op reis, Categorieën, Vragenketting.

Veelgestelde vragen